Landbouwtractoren en carnavalstoeten

Vaak worden landbouwtractoren ingezet bij carnavalstoeten en andere optochten. Welk rijbewijs is er vereist om het voertuig te besturen en moet het voertuig gekeurd worden, zijn twee vragen die

ons, met de periode van carnaval in aantocht, regelmatig bereiken. Hieronder volgt een samenvatting van de regelgeving.

Rijbewijs

Het koninklijk besluit van 23 maart 1998 (KB rijbewijs), artikel 20, § 4 bepaalt dat voor het besturen van motorvoertuigen en hun aanhangwagens die uitsluitend gebruikt worden voor folkloristische manifestaties, en slechts bij uitzondering op de openbare weg komen ofwel ter gelegenheid van door de gemeente toegelaten folkloristische manifestaties, of de weg ernaar toe ofwel voor proefritten met het oog op die manifestaties, volstaat het rijbewijs geldig verklaard voor de categorie B of G, en dit ongeacht de massa van het voertuig of het aantal zitplaatsen, en dit voor zover zij niet meer dan 25 km/u rijden. Er moet aan al de voormelde voorwaarden zijn, wat niet het geval is voor een landbouwtractor, een trekker of een personenwagen die aangewend wordt om een praalaanhangwagen te trekken. Voor deze voertuigen gelden de gewone regels van het KB rijbewijs.

Specifiek voor de landbouwvoertuigen moet men in acht nemen dat het rijbewijs van de categorie G enkel geldig is, voor zover het voertuig gebruikt wordt in het kader van land- of bosbouwactiviteiten. Deelname aan een carnavalsoptocht valt hier niet onder en dus is het rijbewijs van de categorie G niet geldig. De bestuurder moet houder en drager te zijn van een rijbewijs in functie van de maximale toegelaten massa van het samenstel (B, BE, C1, C1E, C ofCE naargelang het geval - met medische schifting vanaf de categorie C1). Bestuurders geboren vóór 1 oktober 1982, ingeschreven in een Belgische gemeente, zijn echter vrijgesteld van de

verplichting houder en drager te zijn van een rijbewijs, omdat de landbouwtractor nog steeds een voertuig voor traag vervoer is (KB rijbewijs, art. 4.12°)

Technische keuring

Sedert 1 november 2015 moeten alle landbouw- en bosbouwvoertuigen periodiek gekeurd worden wanneer zij ingezet worden buiten het kader van land- of bosbouwactiviteiten. De periodiciteit van de keuring is:

  • Twee jaar voor voertuigen met een maximale toegelaten massa van meer dan 3500 en niet meer dan 7500 kg;
  • Eén jaar voor voertuigen met een maximale toegelaten massa van meer dan 7500 kg.

Bron: Centrex - Infotraffic

Labels